Les 5: oefening 1

Bekijk eerst grondig de nieuwe begrippen van les 5. Maak daarna deze invuloefening.

   2      5      A capella      boven      nazin      notenbalk      onder      solsleutel      toonduur      toonhoogte      vierde      voorzin   
Ritme heeft te maken met ; melodie met .
Om de hoogte van de noten weer te geven gebruikt men een reeks van (hoeveel?) horizontale lijnen: een genoemd.
Deze lijnen worden van naar geteld.
Vooraan staat steeds een sleutel die de sol aanwijst: een .
Vooraan staat ook steeds een maatcijfer. Het maatcijfer 2/4 duidt erop dat er in elke maat tellen zijn en dat elke tel gelijk is aan een noot.
De eerste helft van een muzikale zin wordt genoemd; de 2e helft is de .
betekent zingen zonder instrumentale begeleiding.